AA Grotere letters

7.9 zorgwetten

zorgwetten:

 

 

Ondersteuning (Wmo) 2015

De gemeenten zijn sinds 1 januari 2015 verantwoordelijk voor bijna alle ondersteuning en begeleiding van mensen die hulp nodig hebben om thuis te kunnen blijven wonen. En van mensen die hulp nodig hebben om actief deel te kunnen nemen aan het dagelijks leven. Het kabinet heeft dit besloten. Dit is geregeld in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015.

 

doel: langer thuis wonen

Eén van de doelen is om mensen zo lang mogelijk thuis te laten wonen. Waar nodig met ondersteuning van de gemeente, of met wat extra zorg via de zorgverzekering. Het kabinet wil daarmee de zorg betaalbaar houden.
De keuze om de ondersteuning van mensen die thuis wonen bij de gemeente neer te leggen heeft verschillende voordelen. De ondersteuning kan dichterbij huis worden georganiseerd. En doordat de gemeente een centrale rol heeft gekregen bij ondersteuning, (jeugd)hulp, arbeid en onderwijs voor kwetsbare groepen, kan er beter worden afgestemd.

 

minder geld én beter organiseren

Voor de Wmo-zorg is sinds 1 januari 2015 minder geld beschikbaar. Maar we besparen op een verstandige manier: door goede afstemming, door verstandig inkopen van zorg en door problemen vroeg in beeld krijgen, voordat ze verergeren.

 

veranderingen rond de Awbz

Op 1 januari 2015 hield de Algemene wet bijzondere ziektekosten (Awbz) op te bestaan. De begeleiding en zorg die in die wet is geregeld, is nu op een andere manier geregeld:

  • Begeleiding (waaronder dagbesteding en kortdurend verblijf) is overgegaan naar de gemeenten en valt onder de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015.
  • Persoonlijke verpleging en verzorging bij mensen thuis, wordt geregeld via en de Zorgverzekeringswet en de zorgverzekeraars. Denk hierbij aan hulp bij douchen, aankleden, scheren, pillen innemen, ogen druppelen of naar de wc gaan.
  • Zorg voor mensen die permanente toezicht en zorg nodig hebben, wordt geregeld via de nieuwe Wet langdurige zorg. Denk bijvoorbeeld aan mensen die in een verpleeghuis wonen.

 

waarvoor kan men bij de gemeente terecht

Sinds 1 januari 2015 kunnen inwoners bij de gemeente terecht voor begeleiding, dagbesteding, kortdurend verblijf. Voor andere vormen van ondersteuning kón men al bij de gemeente terecht: hulp bij het huishouden, ondersteuning bij de administratie, woningaanpassingen, hulpmiddelen zoals rolstoelen en scootmobielen, bepaalde vormen van dagbesteding, een pas voor de regiotaxi, of een bijdrage in de vervoerskosten.

 

uitgangspunten bij de veranderingen

  • Inwoners van Zeist kunnen met hulpvragen terecht bij herkenbare loketten en wijkpunten.
  • We organiseren samen met cliënten de benodigde hulp. We kijken met de cliënt naar wat hij of zij zelf nog kan. En naar hoe familie, bekenden of vrijwilligers kunnen helpen. Daarna kijken we wat de cliënt verder nog nodig heeft aan hulpmiddelen of professionele ondersteuning. Voor kwetsbare inwoners blijft er de mogelijkheid van intensieve hulp en zorg.
  • We kijken niet alleen naar de cliënt, maar naar de situatie van het hele huishouden. We maken samen met de cliënt één compleet plan. Dat plan is afgestemd op de persoonlijke situatie van de cliënt en zijn of haar huishouden. Dat noemen we maatwerk.
  • We zorgen dat de cliënt te maken heeft met één persoon die het overzicht heeft.
  • De gemeente verleent niet zelf Wmo-ondersteuning. We maken afspraken met zorg- en welzijnsorganisaties. Zij blijven de hulp uitvoeren.

 

bestaande afspraken

Inwoners van Zeist die tot en met 2014 begeleiding (inclusief dagbesteding) vanuit de Awbz ontvangen, houden tot 1 januari 2016 het recht op die begeleiding. Tenzij in het indicatiebesluit dat die cliënt destijds kreeg, staat dat het recht op die begeleiding al eerder afloopt.

Ook cliënten die zorg inkopen met een persoonsgebonden budget (pgb), houden het recht op dit pgb tot uiterlijk eind 2015, tenzij de indicatie eerder afloopt.

Cliënten die een indicatie voor huishoudelijke hulp hebben, houden de huishoudelijke hulp tot het eind van de indicatie, maar uiterlijk tot 1 juli 2015.

Voor inwoners die beschermd wonen (een GGZ-C indicatie) geldt dat zij maximaal 5 jaar beschermd kunnen blijven wonen. Tenzij de indicatie eerder afloopt.

 

Jeugdhulp 2015

Vanaf 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor de organisatie en betaling van de hulp aan kinderen, jongeren en gezinnen. Dit is geregeld in de Jeugdwet. De gemeente gaat niet zelf hulp verlenen maar organiseert dat passende hulp beschikbaar is.

Om de ondersteuning en hulp aan kinderen en gezinnen te regelen heeft de gemeente afspraken gemaakt met huisartsen, scholen en jeugdhulpaanbieders. In Zeist is het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) de plek voor alle vragen en advies over de ondersteuning aan kinderen en gezinnen.

 

gemeente verantwoordelijk

Sinds 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor:

  1. Alle vormen van jeugdhulp. Daarbij hoort ook specialistische hulp voor jeugd met een beperking, jeugd- ggz, gesloten jeugdhulp en het onderdeel ‘preventie’  van de jeugdgezondheidszorg.
  2. De kinderbeschermingsmaatregelen.
  3. De jeugdreclassering.

De gemeente was al verantwoordelijk voor de jeugdgezondheidszorg en het jeugd- en jongerenwerk.

 

uitgangspunten bij de verandering

  • We zorgen dat ouders met kleine en grote vragen over opgroeien en opvoeden makkelijk terecht kunnen bij een herkenbaar punt: het Centrum voor Jeugd en Gezin in Zeist.
  • We organiseren samen met ouders de benodigde hulp. We kijken eerst met de ouders naar wat ze zelf kunnen. En naar hoe familie, vrienden en kennissen hen kunnen helpen. Dan kijken we wat ouders en kind verder nog nodig hebben. Alleen dán blijft jeugdhulp betaalbaar en kunnen we blijven zorgen voor de meest kwetsbare jeugdigen. Voor deze jeugdigen blijft er de mogelijkheid van intensieve hulp en zorg.
  • We kijken met de ouders naar het kind en het gezin en maken samen met de ouders één compleet plan. Als er meerdere zorgverleners betrokken zijn, dan worden afspraken gemaakt wie coördineert.
  • Hulp organiseren we samen met de ouders, en op maat. Het zijn niet vooral regels die bepalen welke hulp wordt geboden. De precieze en unieke situatie van het kind bepaalt dat. En de situatie van het gezin.

 

bestaande afspraken rond een kind

Was een kind op 31 december 2014 nog met een hulptraject bezig, dan kan dit traject gewoon worden afgemaakt tot de einddatum op de indicatie of uiterlijk 31 december 2015. Dit geldt ook voor de kinderen die op dat moment op een wachtlijst stonden om hulp te krijgen.

 

minder geld én beter organiseren

Voor de hulp aan kinderen en gezinnen is vanaf 1 januari 2015 minder geld beschikbaar. Maar doordat de gemeente een centrale rol krijgt bij ondersteuning, zorg, arbeid en onderwijs voor kwetsbare groepen, kan er veel beter worden afgestemd. We voorkomen verspilling en we kunnen problemen vroeg in beeld krijgen, voordat ze verergeren. Zo besparen we op een slimme manier.

 

Wet langdurige zorg (Wlz)

De Wet langdurige zorg (Wlz) regelt de zorg voor mensen die blijvend permanent toezicht of 24 uur per dag zorg in de nabijheid nodig hebben.

Het CIZ beoordeelt of mensen recht hebben op Wlz-zorg. Dit gebeurt op basis van objectieve criteria, zodat de beoordeling overal in het land hetzelfde is. Het CIZ voert altijd een gesprek met u.

Met een Wlz-indicatie heeft u recht op passende zorg met verblijf in een instelling. U mag ook thuis (blijven) wonen als u dat wilt, maar levering van de zorg thuis moet wel verantwoord zijn.